Deze website maakt gebruikt van cookies om instellingen te onthouden en om de website beter op uw behoeften af te stemmen. Klik hier voor meer informatie over cookies.

Ja, ik ga akkoord Nee, ik ga niet akkoord X
« Terug naar zoekresultaten

Voortijdig schoolverlaten (VSV)

De Rijksoverheid wil dat zoveel mogelijk jongeren een startkwalificatie halen. In 2015-2016 vielen 22.948 jongeren uit. In 2002 waren dit er nog 71.000. In 2021 mogen in Nederland maximaal 20.000 nieuwe scholieren uitvallen zonder diploma. De overheid, scholen en gemeenten werken samen om schooluitval tegen te gaan. Hiervoor zetten zij verschillende maatregelen in. Leerplichtambtenaren en medewerkers van het Regionaal Meld- en Coördinatiepunt (RMC) begeleiden jongeren die spijbelen, of helemaal van school (willen) gaan. In elke regio is de situatie weer anders. Dat vraagt om een aanpak op maat. Daarom bekijken scholen en gemeenten binnen hun eigen regio welke aanvullende maatregelen zij inzetten. Een startkwalificatie in het vo is een havo- of vwo-diploma.

Alle scholen van vereniging Ons Middelbaar Onderwijs hebben met de ondertekening van een regionaal VSV-convenant aangegeven zich in te zetten voor het terugdringen van schooluitval. Per regio zijn verbetermaatregelen vastgelegd. De scholen nemen in hun schoolplan en/of schoolgids op welke aanvullende maatregelen zij treffen om vroegtijdig schoolverlaten tegen te gaan.

Gemeten aan de landelijk gestelde prestatienormen scoren de scholen binnen de vereniging goed. Scholen worden beoordeeld op het percentage en aantal vsv’ers in de onderbouwbovenbouw vmbo, bovenbouw havo en bovenbouw vwo (indien aanwezig). Een enkele school voldoet (nog) niet aan de steeds strengere normen. Dit door de grote (percentuele) invloed van een enkele vroegtijdig schoolverlater op een kleine school of een school met een erg specifieke doelgroep. In het laatste geval wordt er echter extra aandacht besteed aan het voorkomen van voortijdig schoolverlaten.

pagina opties

Mijn OMO verslag (0)